Bij een gelijke temperatuur in huis kan het gasverbruik flink verschillen, omdat het buiten soms kouder is dan anders. Om toch te kunnen vergelijken met andere periodes moet je dit effect dus uit zien te sluiten.

Dit kan aan de hand van graaddagen. Het aantal graaddagen is de referentietemperatuur min de gemiddelde temperatuur van een dag. Als er bij 17 graden geen verwarming meer nodig is, en buiten is het 5 graden, blijven er 12 graaddagen over. Per jaar zijn er in Nederland ongeveer 3000 graaddagen. Het gasverbruik deel je door het aantal graaddagen en dan heb je de hoeveelheid gas die je nodig hebt om een graaddag te verwarmen.

Gelukkig hoef je dit niet allemaal zelf uit te rekenen. Op www.mindergas.nl kun je opgeven welk weerstation het dichtst bij ligt en natuurlijk op regelmatige basis de gasmeterstand. Tegen een kleine vergoeding kun je ook je slimme meter automatisch uit laten lezen. Vervolgens zie je keurig het verbruik afgezet tegen de gemiddelde temperatuur.

mindergas-gasverbruik

Om het effect van isolatie of andere gasbesparende maatregelen te kunnen meten, vergelijk je het gasverbruik per graaddag van de periode voor en na de aanpassing. Op de website kun je ook invoeren wanneer je deze maatregel hebt genomen. Door het verbruik per graaddag van voor en na te vermenigvuldigen met het totaal aantal graaddagen per jaar kun je een goed inzicht krijgen hoeveel m3 gas je bespaart.

Een indicatie: mijn gasverbuik voor verwarming zit nu op 0,16 m3/graaddag. Dat is bij 3000 graaddagen een verbruik van  480 m3 gas. Voor douchen en koken komt daar nog ongeveer 200 + 100 m3 bij. Dat komt neer op een totaal gasverbruik van 780 m3 per jaar.

Verder lezen
Het rekenen met graaddagen